woensdag 24 mei 2023

Interview met Bert Tilmans


Interview met Bert Tilmans

Evert Meijs heeft een uitgebreid interview gehad met Bert Tilmans, de gastheer van ons inloophuis.

“Wij zijn minderbroeders, de mindere onder de minsten.” Broeder Bert Tilmans vertrekt als laatste kloosterling uit Valkenswaard.

Minderbroeders Conventuelen staat op het naamplaatje onder huisnummer zes aan de Kardinaal de Jongstraat. In dit fraaie pand -oorspronkelijk een huisartsenwoning met praktijkruimte-  zijn al jaren Franciscanen (Minderbroeders) gehuisvest. Maar in juni van dit jaar valt het doek voor de laatste bewoner: broeder Bert Tilmans. Hij verhuist naar de Glorieuxlaan in Eindhoven. En het convent? Dat zal door de orde worden verkocht.

Inloophuis bij Bert
gezelligheid in het inloophuis

Tekst en beeld Evert Meijs

Er staat een banner op het trottoir en de voordeur staat op een kier. Regelmatig blijkt iedereen hier welkom voor koffie en een goed gesprek. Eenmaal binnen zit Minderbroeder Bert Tilmans (1942) in een grote kring, samen met nog vijf heren en twee dames. Het is er gezellig en acuut wordt de koffie ingeschonken. Als je denkt dat het hier om voorbereide gesprekken gaat over religieuze onderwerpen, dan heb je het mis. ‘Het pand staat open om gezellig even bij te praten met elkaar’, zo staat in de Nieuwsbrief van Wijkcommissie Kerkakkers. Eén van de gasten, Jan Sanders, vertelt dat broeder Bert naar Eindhoven gaat verhuizen en dat enkele van de aanwezigen het pand misschien als antikraak zullen gaan bewonen in afwachting van bouwplannen. Al gauw blijkt dat het zeer de moeite waard is om ’s middags terug te komen voor een gesprek met Bert-alleen. “We hadden drie huizen, en ik ben de allerlaatste bewoner”, zegt hij op de valreep.

Nieuwe achternaam
Enkele uren later vertelt Bert dat hij een pleegzoon is. “Ik ben geboren in Leiden en daarna via een kindertehuis in Oegstgeest in 1946 bij pleegouders terecht gekomen in Geulle, gemeente Meerssen. “Ik was er gelukkig. De grootouders van mijn echte ouders ( het echtpaar De Wit) hadden een reizende salonwagen waarmee ze op kermissen snacks verkochten. Zij overwinterden in Geulle en mijn pleegouders in dat dorpje zochten een menneke. De pleegouders werden naar De Wit gestuurd omdat hun jongste dochter een menneke had gekregen dat nu in een opvang zat in Oegstgeest. Via de officiële kanalen ben ik geadopteerd door de pleegouders Tilmans van een mijnwerkersfamilie, met de woorden: Laat hem maar een boterham mee-eten. Op mijn twintigste heb ik hun achternaam aangenomen.” Met de familie De Wit heeft Bert nooit contact gehad. “Ik heb ze nooit gekend, ik heb ze vergeven en richtte me op de familie Tilmans.” Bert groeit op in Geulle, volgt de HBS in Maastricht en volgt bovendien een katholieke opleiding in Doorn tot vakbondsbestuurder. Ook de sociale academie in Sittard doorloopt hij met succes, evenals een universitaire studie op het sociale vlak, in Nijmegen.

“Ik ben altijd gelovig geweest: God, Jezus en Franciscus hielpen me altijd goed op weg. Ik heb niks met de kerk zelf maar raakte als jongetje al geïnteresseerd in Franciscus via een leesboek uit de serie Oud Goud, met klassieke kinderverhalen. Later kreeg ik verkering met een Française die ik in Heerlen uit de goot haalde. “We kregen tijdelijk een LAT-verhouding en ik raakte uitgekeken op het sociale werk wat ik deed. En Franciscus kwam steeds dichterbij.” Bert wil graag intreden en klopt daarom aan bij de Minderbroeders in Beek. “Een noviciaat (proeftijd) moest ik gaan volgen in Padua in Italië, waar de heilige Antonius geboren is. In 1990 vertrok ik naar Treviso, net boven Padua. Ik was de oudste van de groep die uitsluitend uit Italianen bestond. Ik heb er een  prachtige tijd gehad en leerde de Italiaanse taal. De hele sfeer, ook het religieuze, stond me op het lijf geschreven.” Bert kiest ervoor om geen priester te worden, maar Minderbroeder met een goede opleiding. 

Zootje ongeregeld
De broeder wijdt even uit over de kenmerken van de orde der Minderbroeders en legt uit dat de orde kort bij Jezus ligt, want het gaat steeds om de Bergrede, liefde, barmhartigheid, vrede, ontvankelijkheid en respect voor de omgeving. “Respect voor de schepping en we mogen geen drempels hebben; je moet altijd gastvrij zijn. De meeste kloosters zijn omgeven door muren, wat eigenlijk niet des-Minderbroeders is. Eigenlijk zijn wij een zootje ongeregeld, in de goede zin van het woord.” Bert vervolgt: “Franciscus had veel volgers en daardoor werd een structuur onmisbaar. Er brak een richtingenstrijd uit tussen de broeders van de communiteit (de conventuelen), die wij zijn, en de observanten. Die duurde tot 1517 en de paus gaf beide groepen dat jaar een eigen bestaansrecht.” Enkele jaren later scheidt zich een groep van de observanten zich af onder de naam Kapucijnen, vanwege hun puntmuts (capuchon). 

Na de studie wordt Bert door de provinciaal van de Franciscanen geprofest in Duizel en komt uiteindelijk samen met nog vier Minderbroeders in 1993 te wonen aan de Kardinaal de Jongstraat in Valkenswaard, in het pand waar vroeger huisarts Van de Griendt woonde en werkte. In Italië maakte Bert kennis met vluchtelingenwerk, en zet in Valkenswaard dit werk voort. “Ik was naast vluchtelingenwerker ook nog acht jaar vrijwilliger op Kempenhof.” Bert werkt onder de vlag van Paladijn, wat nu Cordaad Welzijn is en heeft wekelijks spreekuur in het typische Engelse-Drop-gebouw dat vroeger op de plek van de brandweerkazerne stond. “Dit werk is echt Franciscaans”, zegt de gastheer, die een begenadigd spreker blijkt te zijn. Inmiddels zijn alle mede-kloosterlingen overleden en woont Bert nog alleen in het grote pand. Nog steeds zet hij zich in voor enkele vluchtelingen uit het dorp. Zijn habijt draagt hij nog bij speciale gelegenheden.

Tau-symbool
Van zijn AOW doet Bert de dagelijkse boodschappen, en de orde zorgt vanuit Würzburg dat hij hier kan blijven wonen, tot het moment van verhuizen naar Eindhoven. “Na dertig jaar is het mooi geweest, ik kan niet zo goed meer”, en hij wijst naar zijn rollator. “Een heel verschil met de tijd dat ik in habijt in Assisi en Padua druk was. Als student aan de universiteit van Padua en als gids. Duizenden diepe gesprekken heb ik aangehoord van toeristen en andere bezoekers.” Na een rondleiding door zijn Valkenswaards huis schenkt Bert op het einde van deze bijzondere ontmoeting een kruisje in de vorm van de hoofdletter T, het zogeheten Tau-kruis, gemaakt van olijfhout. Het is het symbool van de kloostergemeenschap. Ook enkele Franciscusboeken uit de zeer indrukwekkende bibliotheek van broeder Bert Tilmans worden meegegeven als teken van ‘vaarwel’. 

Tekst en beeld Evert Meijs ©mei 2023

 

Onze sponsoren

Daams Houthandel.png
Gemeente Valkenswaard logo.png
HGeldens .png
van Oosten bloemen.png
Gijsbers-50_jaar.png
Hendriks-Keukens.png
Rabobank.png
Allround Printing  .png
Speeltuin Geenhoven .png